Verlichting: onze 10 tips

Besparen op verlichtingsenergie is gemakkelijk, houdt geen beperkingen voor u in en zal vooral goed zijn voor uw portemonnee (tot 15 % van uw elektriciteitsfactuur).

  • 1. Benut het daglicht zoveel mogelijk.

    Vaak volstaat het daglicht als verlichtingsbron. En daglicht is gratis, uiteraard! Profiteer ervan door zo dicht mogelijk bij ramen plaats te nemen om te lezen of te werken. Verduister ruimten niet door grote planten op uw vensterbanken te zetten. Uw planten zullen wel voldoende licht krijgen, ook als ze lager staan dan het raam.

  • 2. Schakel het licht systematisch uit.

    Het in- en uitschakelen van een lamp verhoogt het verbruik niet, ongeacht het type lamp. Laat dus geen lampen onnodig branden. Schakel systematisch het licht uit wanneer u een kamer verlaat. U verbruikt dan niet alleen minder energie, maar zult ook minder vaak uw lampen moeten vervangen.

  • 3. Installeer automatische lichtschakelaars.

    U bespaart elektriciteit en vergeet niet meer de lamp uit te schakelen. Dergelijke schakelaars zijn bijzonder geschikt voor inkomhallen, garages, kelders en zolders.

  • 4. Gebruik bij voorkeur spaarlampen.

    Ga slim te werk bij de keuze van uw lampen! Zodra een lamp meer dan een kwartier per dag brandt, gebruikt u het best geen gloeilamp of halogeenlamp, maar wel een spaarlamp, neonlamp of LED. Spaarlampen zijn duurder in aankoop, maar verbruiken 5 keer minder energie dan klassieke gloeilampen om dezelfde hoeveelheid licht op te wekken en ze gaan 6 tot 15 keer langer mee, al naargelang het type lamp.

  • 5. Stof uw lampen regelmatig af.

    Door uw lampen en luchters regelmatig schoon te maken, verhoogt u hun rendement tot 40 %.

  • 6. Gebruik lichte kleuren in uw kamers.

    Dit geldt zowel voor muren, plafonds, vloeren als vensterbanken enz. Lichte kleuren reflecteren het licht. Zo goed zelfs dat u minder gebruikt zult maken van kunstverlichting. Denk er dus om lichte kleuren te gebruiken wanneer u bijvoorbeeld uw kamers opnieuw verft.

  • 7. Beperk sfeerverlichting en gerichte spots.

 

  • 8. Beperk het aantal lichtpunten.

    Plaats lampen op geschikte plaatsen en beperk het aantal lichtpunten. In grote kamers dient u echter wel meer dan één lichtpunt te hebben in heel de kamer. De lamp zal waarschijnlijk te krachtig zijn gedurende het merendeel van de branduren. Het is beter meer verlichtingsarmaturen met minder krachtige lampen te installeren en de extra lampen slechts in te schakelen wanneer u deze nodig hebt.

  • 9. Beperk buitenverlichting.

    Kies verlichtingsarmaturen en lampen die alleen de gewenste zone verlichten en gebruik bij voorkeur spaarlampen of LED’s, aangezien deze een beter rendement hebben.

  • 10. Gebruik bij voorkeur lampenkappen uit licht textiel.

    Lampenkappen houden veel licht tegen. Door te kiezen voor lampenkampen uit een licht materiaal voorkomt u dat u een krachtigere lamp moet gebruiken.

Octaplus.be maakt gebruik van cookies en vergelijkbare technieken voor functionele en analytische doeleinden, om informatie te verzamelen over uw voorkeuren en om de inhoud van haar websites af te stemmen op uw voorkeuren. Voor meer informatie over het cookiebeleid van octaplus.be, klik hier.
Sluit